We begonnen de dag met een externe good practice over SpringMaar. SpringMaar is een voorziening voor PO-leerlingen uit groep 7 en 8 die nog steviger in hun schoenen moeten komen te staan om de overstap naar het VO te kunnen maken (op het Bernadinus college in Heerlen). SpringMaar biedt één ochtend per week bijeenkomsten voor de aangemelde leerlingen. Hierin wordt gewerkt aan de eigen doelen van leerlingen (zijn uitgangspunt), de ontwikkeling van vaardigheden, mentale weerbaarheid, gezamenlijk activiteiten, maatwerk per leerling, integratie met het VO. Ook worden er gastlessen en excursies geboden. Het streven is dat PO en VO elkaar versterken.
Na het verhaal over SpringMaar was het tijd om aan de slag te gaan met het verder ontwikkelen van het praktijkproduct. We startten plenair met uitleg over het ophalen van feedback en het voorbereiden van de experimenteerfase, daarna gingen we aan de slag.
We sloten de dag af met de lezing van Femke Hovinga. Ze lichtte verschillende niveaus van hoogbegaafdheid toe en benadrukte dat hoogbegaafdheid complex is en nog onvoldoende wordt herkend. Extreem hoge IQ’s (170+) komen zeer zelden voor. Vervolgens ging ze in op de signalering van hoogbegaafde kinderen. Deze blijkt sterk afhankelijk van context en achtergrond. Veel kinderen met een hoog IQ blijven onopgemerkt, terwijl anderen juist worden overschat. Factoren zoals sociaaleconomische status, geboortemaand, geslacht en opleidingsniveau van ouders spelen hierbij een grote rol. Signaleringsinstrumenten kunnen helpen bij vroegtijdige herkenning. Tot slot besprak Femke intelligentietesten en hun beperkingen. Zowel kind- als testkenmerken beïnvloeden de uitkomst, waardoor testresultaten altijd met voorzichtigheid geïnterpreteerd moeten worden.


